Posts tonen met het label voorbeelden internationaal. Alle posts tonen
Posts tonen met het label voorbeelden internationaal. Alle posts tonen

dinsdag 15 juni 2010

Eetbaar Rotterdam bij Gezonde Gronden komende vrijdag

Komende vrijdagavond om 20.00 uur zijn wij (Bas de Groot en Paul de Graaf) van Eetbaar Rotterdam te gast bij Gezonde Gronden in Den Haag om te vertellen over de visie van Eetbaar Rotterdam op landbouw in de stad en over onze recente studiereis naar de Verenigde Staten. Voor meer informatie zie de aankondiging op de website van Gezonde Gronden.

vrijdag 14 mei 2010

Tuin delen: voorbeelden van Londen tot Leuven

Het vinden van geschikte plekken voor vormen van landbouw in de stad kan op verschillende manieren. Je kan een kansenkaart maken die van bovenaf op de stad kijkt en op zoek gaat naar de optimale omstandigheden (waar ik op dit moment mee bezig ben in het kader van het onderzoek Ruimte voor Stadslandbouw in Rotterdam) of je probeert van onderop mensen en plekken bij elkaar te brengen. Dit kan door als een locatiescout actief met open ogen en oren op zoek te gaan, of door mensen de gelegenheid te bieden elkaar te vinden via een soort marktplaats model. In een stad als Londen wil Capital Growth proberen vraag en aanbod te verbinden om zoals ze zeggen de toegang tot (bouw)land in de stad te vergroten.
 
Landshare.net
Het gaat hier met name om het toegankelijk maken van privegrond voor andere private partijen om groente te telen. Er staat op hun website een handleiding om locaties te scouten of je kunt via de website Landshare.net, een initiatief van de tv-zender Channel 4, kun je jouw wens om groente te verbouwen kenbaar maken of jouw stuk grond aanbieden. Het vormt daarmee een aanvulling op het klassieke volkstuinmodel (allotments) dat in Engeland veel meer dan in Nederland nog is gekoppeld aan het voorzien in eigen voedsel ( en niet zoals hier meer als recreatief verblijf wordt gezien). Dat er een grote behoefte is aan moestuinen bewijst de start van een bedrijf dat op commerciele basis volkstuinen aanbiedt. Een initiatief dat met argusogen wordt bekeken door de Engelse volkstuinbeweging omdat de private volkstuinen veel duurder zijn dan de publieke tegenhangers.
Tuin Transitiestad Leuven
Het burgerinitiatief Transitiestad Leuven (deel van het Transition Town netwerk waar ook TT Rotterdam deel van uitmaakt) probeert tuindelen te stimuleren zonder commercieel oogmerk. In plaats van een meer anonieme digitale ontmoetingsplek (zoals bij Landshare) hebben zij gekozen een dag te organiseren waar bewoners uit de omgeving elkaar persoonlijk kunnen ontmoeten en worden geinformeerd en vragers en aanbieders om de tafel kunnen gaan zitten om tot afspraken te komen (lees ook het artikel hier). Afgelopen zondag bleek dat tegen de verwachting in en in tegenstelling tot de situatie in Engeland het aanbod werd overtroffen door de vraag. Er werden 13 tuinen aangeboden, maar er kwamen geen tuiniers opdagen die geinteresseerd waren om deze tuinen in gebruik te nemen. Dit kan ook een kwestie van communicatie zijn en Transitiestad Leuven gaat nu actiever proberen vragers te benaderen via de pers en via de website. De belangrijke volgende stap: het maken van afspraken over hoe, hoe lang, onder welke voorwaarden etcetera, kwam daardoor niet aan bod.
Your Backyard Farmers
Als er geen particuliere tuiniers opduiken, dan zou het Your Backyard Farmer model een alternatief kunnen zijn, dat zowel lokale voedselproductie stimuleert als lokale werkgelegenheid biedt. In dit model, dat burgerinitiatief en commercie mooi balanceert, zouden de 13 tuinen door een of meerdere een/tweemansbedrijven worden beheerd. De tuineigenaar ziet zijn/haar tuin goed onderhouden en krijgt al dan niet tegen betaling een deel van de opbrengst. De 'achtertuinboer' krijgt gratis of relatief goedkoop grond beschikbaar en kan daardoor concurrerend produceren en dicht bij zijn/haar potentiele klanten werken. Deze vorm van stadslandbouw raakt in de VS steeds meer in zwang getuige dit artikel over de bloei van soortgelijke bedrijfjes in Los Angeles.
De voorbeelden uit Belgie, Engeland en de VS laten in elk geval zien dat er mensen zijn die graag hun tuin willen delen en dit biedt kansen voor stadslandbouw. Een kansenkaart kan daarbij van dienst zijn om te bepalen welke vorm van stadslandbouw het meest geschikt is voor die tuin op die plek. Maar uiteindelijk is het even belangrijk dat er mensen zijn die tijd, zin en (niet te vergeten) kennis en ervaring hebben om met die tuinen aan de slag te gaan. Wij zijn daarom erg geinteresseerd om te zien hoe dit soort experimenten zich gaat ontwikkelen.

zaterdag 8 mei 2010

Carolyn Steel in Wageningen

Maandag 17 mei van half 1 tot half 2 geeft Carolyn Steel een openbaar college in zaal C75 op de Leeuwenborg te Wageningen.
Ze is de auteur van het prachtige boek Hungry City, over de geschiedenis van de stedelijke voedsel voorziening vanaf de allereerste steden tot in het heden (en met een doorkijkje naar de toekomst).
Carolyn heeft inmiddels reeds diverse keren in Nederland gesproken (o.a. bij Stroom in Den Haag) en is nu ook aan de leerstoelgroep Rurale Sociologie van de Universiteit van Wageningen verbonden. Zie ook hier.
Voor wie eerdere lezingen gemist heeft, je bent van harte welkom!

Afbeelding Kaft van het boek

vrijdag 7 mei 2010

Groeikracht in vijf lagen

De oorspronkelijke locatie van Growing Power zag er bij ons recente bezoek nog zo uit, maar als het aan Will Allen ligt (die net is opgenomen in de Time 100 als een van de helden die "de meeste invloed op onze wereld hebben" ) komt er een gebouw in 5 lagen dat optimaal gebruik maakt van de beperkte ruimte om groente en vis te telen.
Bescheidener dan de meest architectenplannen en met de groeikracht van Allen achter zich lijkt het plan een goede kans van slagen te hebben. Het gebouw van Kubala Washatko Architects moet een voorbeeldfunctie hebben als haalbare urban farm.Growing Power start binnenkort met de fondsenwerving voor het gebouw dat 7 tot 10 miljoen dollar moet gaan kosten. In de praktijk zal vervolgens moeten blijken of de nieuwbouw zich als urban farm kan terugverdienen. Marges in stadslandbouw zijn laag, haar grote winst zit in allerlei soms moeilijk te kwantificeren neveneffecten. De helft van het gebouw zal worden gebruikt voor het 'groeien van de gemeenschap' zoals ze dat noemen bij Growing Power. Onder de terrassen met groenten is onder meer plaats voor klaslokalen, demonstratiekeuken, opslag en kantoren.
Lees meer hier.

woensdag 14 april 2010

KIGO Stadlandbouw VS Reis: Dag 3 "community growers"Rooftop

Wederom een korte blog van mij over de KIGO-VS reis

Als 2e "bedrijf" op de 3e dag bezochten we een klein initiatief "community growers"van Erik Lindberg.
Erik had op het dak van zijn bedrijfspand (timmerbedrijf) een rooftopfarm aangelegd.
Bij ons bezoek was het voor dit jaar nog niet in productie. Vorig jaar is hij voor het eerst begonnen. Het wordt al snel duidelijk dat Erik een zeer goed willende burger is,
niet gehinderd door veel kennis van Landbouw zet hij zijn beste beentje voort om voor de Community goed eten te verzorgen.


Foto's Paul de Graaf: Erik geeft uitleg aan Bart en de rest van de groep in zijn Rooftop greenhouse

Toch door de chaos heen kijkende zie je de potentie van dit soort initiatieven. Met wat meer inhoudelijke kennis over bemesting, luchtvochtigheid ed is hier echt iets leuks van te maken.
Erik had daarom ook het plan om op een braakliggend stuk grond een buurttuin aan te leggen.

Gelukkig hadden we voldoende tijd, zodat hij ons ook daar mee naar toe kon nemen. Ook hier weer het enthousiasme van iemand zonder al te veel kennis, maar met een enorm doorzettingsvermogen.
Hij is ook alpinist waar deze eigenschap/ kwaliteit ook goed tot uiting komt.


Foto: groep op houtsnipperberg (je kan het echt overal voor gebruiken) bij de wijk locatie.

Op de vraag of de grond vervuild was, gaf hij een zeer interessant antwoord.
"we nemen geen bodemmonsters. In Amerika is er nl een ontzettend sterke aanklaag cultuur en wij kunnen nu op deze vragen heel eerlijk antwoord geven dat wij dit niet weten en dat dit dus een risico is die door de mensen zelf genomen moet worden".
Verder gaf hij zelf aan de vervuiling geen probleem te vinden. Hij schat zelf in dat deze vervuiling nog altijd minder schadelijk is dan al de prefab food in de winkels.

Daarnaast werd er nog en vraag gesteld over risico's van Vandalisme.
Hij gaf aan dat dit een gerede kans had, maar dat hij dit met goede moet telkens weer zou opruimen.
Het aanspreken van de vandalen is hier wat minder voor de hand liggend, omdat veel jongeren in die wijk bewapend zijn met mes of pistool.

Dit liet weer even duidelijk zien dat de VS toch echt en andere plek is als Europa.

Tot slot kan ik alleen maar mijn diepe respect uitspreken voor zo'n mooi mens als Erik met al dat vertrouwen, doorzettingsvermogen en hoop.

Hier nog een filmpje over zijn "bedrijfje"in productie

dinsdag 13 april 2010

KIGO Stadlandbouw VS Reis: Dag 3 Growing Power


Donderdagochtend was het tijd voor ons bezoek aan Growing Power. Midden in een food desert (heel veel fast-food en bijna geen gezond voedsel te krijgen) staat er een kassencomplex. Hierin bevind zich een ware groene oase. Het gebied stond vroeger vol met kassen waar voornamelijk bloemen werden geteeld. Nu is het nog de enige kas!

Foto Bas de Groot: Will Allen geeft uitleg by aquaponicssysteem

Growing Power is opgericht door Wil Allen, een stadslandbouwicoon in Milwaukee. Hij wil voedsel produceren en is ook bezig met duurzame energie. Bij binnenkomst vallen aan de straatkant de zonnepanelen op, deze zijn net nieuw geplaatst. Daarnaast is er ook een vergistinginstallatie op het bedrijf en word het afval(drainage)water gefilterd door een rietfilter, waarna hiermee de composthoop wordt bevochtigd.

In de kassen vond ik het erg mooi, een lekkere temperatuur, water dat je hoort stromen en het groen van alle planten bracht mij in een goede stemming. In het eerste gedeelte van de kas stonden heel veel bakken met kiemen. Taugé, Alfalfa, Zonnebloem en nog ongeveer 47 andere soorten kiemen. Het zag er mooi uit, we keken met z’n allen wel naar het glas en zagen dat het niet helemaal schoon was. Zo liepen ze wel wat licht mis.
In het volgende compartiment van de kas maakte ik kennis met vissenteelt in combinatie met waterkers teelt, ook wel aquaponics genoemd. In een bak met water worden de vissen geteeld, het duurt 1 jaar voordat dat visje "geoogst" kan worden. Het water werd vanuit die bak naar een bak die daar boven zat gepompt. Hierin lagen steentjes en daarin stond waterkers. Het waterkers kreeg zo de bemesting van de vissen, daarnaast zorgde het tevens voor het zuiveren van het water. En zo kwam het gezuiverde water dan weer vanuit de bovenste bak in de vissen bak. Lake Perch en Tilapia waren de vissen die hier gekweekt werden. Ik vond het er erg mooi uitzien, een mooie wisselwerking tussen plant en dier.

In de kas werden naast de vissen ook nog andere dieren gehouden: wormen, bakken vol met wormen. zij verwerkten zo veel afvalresten tot een hele mooie wormen compost. Het is een composteermethode waar niet veel informatie over te vinden is, Wil Allen wist er ons veel over te vertellen. Maar als ik nu zelf een wormenbak zou willen maken zou ik niet weten waar te beginnen.
Foto Paul de Graaf: nieuw hemelwater opvang in combinatie met aquaponicssysteem. ooit bedoeld voor ther Perch, maar nu voor forel

Naast de kassen waren er ook folie tunnels, hierin werden op heuvel bedden groente geteeld. Op het moment van bezoek was dat vooral Spinazie en Rode Mosterd (een bladgewas met een scherpe, mosterdachtige smaak). Al deze groenten worden verkocht in de eigen winkel, Market baskets,  maar ook op scholen en andere locaties in Milwaukee. De producten worden vers afgeleverd, na maximaal 1,5 dag ligt het in de winkels.
Buiten tegen de folietunnels bevonden zich ook compost hopen: door de warmte van deze hopen word de kas ook een beetje verwarmd. Erg slim om zo deze hopen te benutten. Op het terrein lag ook een enorme hoop met houtsnippers, allemaal voedsel voor de wormen en de andere composthopen.

Foto Paul: De groep met Will in tunnelkas voor spinazie en bladmosterd

Growing Power vond ik één van de mooiste bedrijven van de trip. Een bedrijf waar veel over te zeggen valt en dat een voorbeeldfunctie heeft voor Milwaukee (en de wereld)

Dit Blog is geschreven door Rick Sloot (warmonderhofstudent jaar 3). Zie ook 

maandag 12 april 2010

KIGO Stadlandbouw VS Reis: Dag 2 "UncommonGround"

Ik ben Madeleen van Gruting en ik ga een stukje voor jullie schrijven over de rooftop-garden Uncommon Ground: The First Certified Organic Roof Top Farm in the Country”


Het bedrijf bestaat al 18 jaar. Eerst was het gelegen op een andere plaats, 5 mijl van deze plek vandaan. Nu is het al 3 jaar hier gevestigd. Ze hebben een stevige constructie voor het dak moeten maken om het 4 ton gewicht te kunnen dragen. Hier hebben ze veel in geinvesteerd , dat ze nu nog niet hebben terugverdiend
Het bedrijf is milieuvriendelijk aangelegd; zo is de vloer een mengsel van gerecycled hout en plastic waardoor het duurzaam is. Ze vangen regenwater op en ze hebben een zonnepanelen systeem staan om o.a. water te verwarmen en gasverbruik te reduceren.Op dit moment hebben ze niet genoeg ruimte om het hele restaurant te kunnen voorzien van voedsel, ze telen daarom alleen de producten die het meest bruikbaar zijn voor de chefkok. Ze zijn nog in ontwikkeling, uiteindelijk willlen ze toewerken naar speciale teelten die je niet op de markt kan krijgen. Een goed voorbeeld wat Dave gaf was die van de ‘Purple Calabash’ . Dit is een paarse tomaat die volgens Dave smaakt als ‘the best glass of wine you ever had’. Dit ras is heel lastig te transporteren omdat hij zo kwetsbaar is,waardoor hij nergens geteeld wordt. Met een restaurant beneden is het de perfecte manier om deze tomaat toch te kunnen verbouwen, omdat hij alleen maar van het dak naar beneden hoeft te worden verplaatst.

Beeld internet ‘Purple Calabash’


Ze willen een restaurant worden met een speciale ‘trademark’, ze willen groenten verbouwen en gerechten maken die je alleen daar kan krijgen. Tot nu toe hebben ze nog geen reclame gemaakt. Wel zijn ze populair. Alle reclame gaat mond op mond. Maar dat is ook wat ze willen zijn, een bedrijf die bekend wordt om dat ze écht goed zijn en écht lekkere dingen maken, zodat de mensen het automatisch doorvertellen.
Na de rondleiding hebben we daar gegeten en inderdaad, het eten was ook erg lekker.

Foto Paul de Graaf. Rooftop farmer Dave on Uncommonground

Ik denk dat het een restaurant ook zeer ten goede komt om biologische/kwalitatieve groenten zo dicht bij huis te hebben om ze ze vers mogelijk te kunnen verwerken.En natuurlijk is het leuk voor de consumenten.Die kunnen zien wat ze eten, hoe het nu eigenlijk groeit, kortom:‘belevingslandbouw’.Het bedrijf heeft me wel geinspireerd, ik ben zelf namelijk inmiddels ook al begonnen met een bak op mijn dak te bouwen om daar groenten in te gaan verbouwen. Niet teveel natuurlijk want mijn dak is niet zo stevig als die van Uncommon Ground...

KIGO / US trip intermezzo- Urban farming discussie in NY

Zowel de welbekende Will Allen als Annie Novak (Eagle Street Rooftop Farms) die we beiden hebben bezocht in de VS waren te gast bij een discussie in New York afgelopen donderdag (zie het verslag van ons bezoek hier, hier en hier), n.a.v. het verschijnen van een nieuwe uitgave van Fritz Haeg's boek Edible Estates. Bekijk de uitzending van deze discussie.

zondag 11 april 2010

KIGO Stadlandbouw VS Reis: Dag 2 "Windy City Harvest and Cook County Sheriff's Boot Camp"

Bij "gebrek"studenten neem ik het schrijven van dit Blog weer even voor mijn rekening.

De 2e afspraak van de 2e dag hadden we met Kelly Larson.
Kelly is Docent van en 1 jarige opleiding "Windy City Harvest" tot Urban Farmer verbonden aan de Botanische tuin van Chicago, maar gesitueerd
op het Arturo Velasquez Institute (City College of Chicago)

Ik had met Kelly afgesproken dat we er om half 1 zouden zijn, zodat wij nog een half uur met de studenten van dit programma
onze ervaringen en vragen naar elkaar konden uitwisselen.
Uiteraard was dit een kans die we niet voorbij mochten laten gaan. Dit half uur was voor beide groepen erg waardevol.


Foto's Paul de Graaf. Klassikale internationale uitwisseling

Na een korte introductie van mij over ons KIGO -Programma
Wat volgde was een uitwisseling van de achterliggende motivaties van beide studentengroepen om met Urban Agriculture aan de gang te gaan.
In deze gesprekken werd heel duidelijk het contrast duidelijk van de cultuurverschillen tussen Europa en de VS.

Zo duurde de les maar tot 1 uur, omdat ieder daarna weer naar zijn werk moest (geen landbouw).
Verder de motivatie om voor jezelf te zorgen in een samenleving waar een sociaal vangnet zeer beperkt bestaat.
Zo vond ik een mooi voorbeeld van een man in de 50, die naar 2 fabrieksbanen (beide 15 jaar gewerkt) weer op straat stond en dus een beperkt inkomen
en geen gezondheidsverzekering had (de health insurrence was trouwens op de zondag/maandag tussen NY en de KIGO door het congres)
Verder voorbeelden van vnl vrouwen die hun kinderen geen toegang zagen hebben tot vers en gezond voedsel, waardoor Obesitas en Diabetes een veel voorkomend probleem was.
Als ik het zou mogen samenvatten was de motivatie vnl Self- and community Empowerment.

Onze studenten hebben wel vergelijkbare motieven om aan de Kigo mee te doen, maar deze zitten toch op een heel ander level.

Na deze sessie in het klaslokaal hebben we een korte rondleiding gekregen door hun leeromgeving (flinke serre en buitenlocatie met raised beds)
Al met al erg aardig.


snijbiet in serre en Kelly geeft uitleg bij de Raised Beds

Wat hierna volgde was zeer speciaal. Kellie wilde ons meenemen naar een stadslandbouw locatie die dicht bij het College lag.
Wij begrepen hieruit dat deze locatie tegen een gevangenis aan lag, maar bij aankomst bleek het een project te zijn in de betreffende gevangenis.
Het Bootcamp van de voor Discovery kijkers bekende "Cook County Jail in Chicago"
Binnen dit Bootcamp porgramma waar vnl jonge mannen met toch wel een pittig strafblad als overval met geweld voor een jaar worden "opgevoed"in een streng Bootcamp regime.
Binnen dit programma wordt je in een stringent regime klaargestoomd tot verantwoordelijk gedragend burger.
Naast het rond marcheren over het terrein worden er ook diverse cursussen en scholingsprogramma's aangeboden.

Binnen een van die activiteiten is sinds dit jaar ook een Farm.
Deze farm is opgezet volgens het welbekende rased beds principe die we overal zijn tegengekomen.
Alle tuinen zijn opgezet met als inspiratiebron het boek Four-Season Harvest.
Op deze "farm" hadden ze dit tot het ultime doorgevoerd met een wandelkap (een kas die verplaatsbaar is over de bedden)

De binnenkant en wielbasis van de wandelkap

De rondleiding over de Farm werd vnl geleid door Thom the director, maar ook door een van de inmates. Die al onze vragen en die van Frank
netsje beantwoorde met Yes sir......
(De begeleiding van de "jongens werd overigens gedaan door de vrouw op het WCH filmpje)





De "Farm"met inmates in rode overalls (level 2) op de achtergrond

Ondanks dat ik nog wel wat op-en aanmerkingen had over het "Agogisch klimaat" ben ik van mening dat dit een eerste stap in de goede richting is
en dat ondanks dat de vorm mij niet geheel aansprak dat de intentie van Thom vanuit passie komt voor zijn "jongens"

zaterdag 10 april 2010

KIGO Stadlandbouw VS Reis: Dag 2 Angelic Organics Learning Centre

Mijn naam is Janneke Kannemans en ik ben deeltijdstudent biologisch-dynamische landbouw aan de Warmonderhof.
Ook ik zie toekomst in stadslandbouw en vind de mogelijkheden om verschillende diensten en
ondernemingen te koppelen en de economische stimulans die hierdoor kan ontstaan erg interessant.
De bedrijfsbezoeken aan de VS vond ik inspirerend en hebben mijn visie verbreed.

Op dinsdag 23 maart hebben we met de groep het Angelic Organics Learning Centre (AOLC) te Chicago bezocht.
AOLC is wat je zou kunnen zeggen de stedelijke afdeling van Farmer John's boerderij (en vormt hiermee de connectie tussen stad en land).
Bij het AOLC wordt mensen geleerd om voedsel te verbouwen alsmede andere hier mee samenhangende vaardigheden.
Foto's Paul de Graaf: groep luistert naar Martha Boyd (AOLC- Chicago)

Zoals: het verwerken van groenten en fruit in gerechten, jams e.d. en het bouwen van polytunnels, (lage halfronde bogen met hier omheen doorzichtig plastic welke handig zijn voor kleine stadstuintjes) .
De plek waar AOLC zit is alleen al interessant: een kerk met kogelgaten in de muren midden in een achterstandswijk vol braakliggende terreinen (potentie genoeg voor stadslandbouwinitiatieven dus!).
AOLC is o.a. ontstaan vanwege het feit dat er in de directe omgeving amper gezond voedsel te vinden is (de boeren in de omgeving zijn louter gericht op de productie van niet-eetbare maïs).
Ook worden mensen als het ware gedwongen om lokaal voedsel te gaan verbouwen vanwege voedseltekorten, de economische crisis (veel werkeloosheid) en de alsmaar stijgende energieprijzen.
Interessant om te horen vond ik dat mensen over het algemeen zelf naar het Learning Centre toekomen met het idee om voedsel te willen leren verbouwen.


leertuin bij AOLC Chicago naast Protestantse kerk

De groeiende omvang van het project ( en de daaropvolgende initiatieven) werd erg duidelijk nadat Martha (die ons informatie verschafte) ons een hele interessante, leuke powerpointpresentatie liet zien.
Hier waren afbeeldingen te zien van al dan niet gerealiseerde projecten in Chicago alwaar veel op daken geteeld wordt en mensen allerlei andere creatieve manieren van tuinieren hebben ontwikkeld.
Er wordt bijvoorbeeld veel met verhoogde bedden gewerkt (bittere noodzaak als de grond vervuild is).
Dit is een bak met gronddoek op de bodem en hier een mengsel van compost, aarde en mest in.
Vaak hebben de projecten ook een sociale functie zoals het laten re-integreren van verslaafden, het bieden van een veilige therapeutische plek voor asielzoekers, het faciliteren van dagbesteding aan mensen met allerhande zorgvragen etc.

Beschreven (kruip)tunnel

Op de vraag die ik van tevoren had hoe een centrum zoals dit economisch onafhankelijk zou kunnen zijn hier heb ik wel wat antwoorden op gekregen, maar AOLC blijkt desondanks toch afhankelijk te zijn van subsidies.
In Amerika komt er al veel subsidie voor stadslandbouw vanuit de gemeente en de staat.
Economisch interessante projecten worden vaak opgenomen in de planologie van de stad, in andere gevallen worden er afspraken met de eigenaar gemaakt over een termijn van het gebruik.
Om de projecten heen ontstaan allerlei initiatieven en opleidingen zoals daar zijn:
– Chicago chicken enthousiasts
– Chicago highschool for agricultural sciences
enz. enz.

Kortom, Stadslandbouw brengt vele gebieden bij elkaar en ik heb zin om er in Nederland mee aan de slag te gaan en andere mensen ook te inspireren!

vrijdag 9 april 2010

KIGO Stadlandbouw VS Reis: Dag 1 Michael Fields Agricultural Institute

Anthroposofische interpretatie van de typisch Amerikaanse 'barn'

'Wat is Michael Fields?' was één van de eerste vragen die iemand uit onze studie groep stelde. Er kwam een heel breed antwoord uit. Even in het kort zal ik noemen wat er allemaal gedaan word:
- Onderzoek
- Contact leggen tussen landbouw en politiek
- Leercentrum
- Begeleiden van tuinbouw projecten in de stad

Ze doen naast deze dingen nog veel meer. Dit ga ik alleen niet allemaal vertellen. Anders hebt u zelf niks meer te vragen als u nog eens in Amerika komt. Wij waren daar vooral om meer te leren over de stadslandbouw. We hebben eerst een rondje op het bedrijf gelopen. We zijn gestart op de akker. Gelopen langs een paar composthopen en zo door naar de kale akkers. Het liep in Amerika nog wat achter op Nederland en het was erg koud. In de tuin was al 20 jaar geen machine geweest en de bodem was ook in topconditie.
De velden van Aarstengel Michael

Deze tuin werd gebruikt om studenten de mogelijkheid te geven om ook praktisch bezig te kunnen zijn. Na nog een stukje verder gelopen te hebben kwamen we bij wat ganzen die over de akkers liepen. Dit was een klein probleem. Want in het verleden hadden ze veel last van ganzen. Dit gaan ze nu aanpakken door hekken rondom het erf te zetten. Ook hadden ze voor eigen gebruik kippen. Deze kippen lieten ze over de akkers lopen om onkruid en gewasresten op te ruimen.

Op een gegeven moment was ik zelf de draad kwijt. Wij kwamen daar voor de stadslandbouw en we waren een bedrijf aan het bekijken maar ik hoorde niks meer over die stadslandbouw. Dit werd alleen kort daarna alweer helemaal goed gemaakt door de vraag “wat doen jullie met stadslandbouw?”. En ja, er kwam een geweldig mooi verhaal over hun projecten. Ze hadden verschillende tuinen opgezet in achterstandswijken in Milwaukee. Dit is heel kaal begonnen. Ze hebben iemand gevonden die uit de wijk kwam en graag iets wou doen met de stukken kale grond in de wijk. Ze hebben over de grond compost uitgebracht en hier zijn ze op begonnen. Dit zijn wijken waar je normaal je auto niet uit durft te komen om even te schetsen waar we het over hebben. Om de mensen uit de wijk te betrekken zijn ze gewoon langs de deuren gegaan. Bijvoorbeeld met het doel een aantal bomen te snoeien. Zijn ze met de vraag rond gaan lopen of mensen een zaag hebben en een boom willen snoeien. Langzaam werden ze steeds bekender in de omgeving en begonnen mensen de tuin als hun eigen project te zien. Langzaam is Michael Fields zich gaan terug trekken om het echt aan de wijk over te laten. Alle mensen kunnen een stukje grond krijgen en daar spullen op verbouwen en zelfs verkopen.
 
Ron Doetch vertelt enthousiast over Michael Fields' projecten in Milwaukee

Met de verkoop houdt Michael Fields zich niet bezig. Ze begeleiden er wel in. Ze brengen soms kopers en verkopers bij elkaar. Alleen op het moment dat ze over geld beginnen te praten zorgen ze dat ze uit de kamer zijn. Dit is iets wat de mensen onderling zelf moeten regelen. Deze tuin loopt zo goed dat zelf kinderen af en toe een kleine handel in groenten opzetten. Ik vind dit zelf hele goede initiatieven, omdat het verbeteren van de wereld begint bij goede scholing. Leer kinderen maar groenten verbouwen en handel te drijven. Of nog beter laat de kinderen dit zelf doen en ondervinden hoe de maatschappij in elkaar zit en sta bij als het nodig is.
 
Dit artikel is geschreven door Jorrit, 3e jaars voltijdstudent Warmonderhof

donderdag 8 april 2010

KIGO Stadlandbouw VS Reis: Dag 1 Angelic Organics / Farmer John

Het was 23 Maart, zonnig weer met koude wind, onze tweede dag in de VS en de eerste excursiedag. Onze kleine studiegroep verliet het hotel in Milwaukee om 8 uur en reed met een huurauto, een echte Amerikaanse “van” Ford 15 persoons, 210 liter tank rijdend 1 op 6, richting zuidwesten over de highway 43 het platteland in. Omsingelt door maïsakkers in een ruim en open landschap lag onze eindbestemming: de boerderij Angelic Organics, een soort van pakkettenbedrijf met groenteteelt en daar aangesloten een “learning center” voor kleinschalige landbouw. Het biologisch-dynamisch groenteteelt bedrijf van John Petersen, beter bekend onder de naam Farmer John uit de bekroonde, internationaal bekende Film “The real dirt on farmer John”, ligt in de staat Illinois vlak bij de grens van Wisconsin.



CSA Angelic Organics heeft per jaar zo’n 1400 klanten die zich voor een vast bedrag in het bedrijf inkopen en daarvoor elke week een pakket met groenten en andere producten van de boerderij naar huis krijgen geleverd. In de VS noemen ze dit afzetsysteem CSA (community supported agriculture), in Nederland heeft dit de naam Pergola Associatie. De boerderij wordt ondersteunt door een gemeenschap van klanten die tegelijkertijd ook mede-eigenaren zijn. Het Angelic Organics Learning Center bevindt zich ook op de boerderij en biedt training en workshops aan voor boeren, hobbytuinders en allen die meer willen weten over voedselproductie (in de stad) en biologisch-dynamische landbouw.

We hadden een rit van ongeveer anderhalf uur achter ons toen wij bij het kleine huisje van John Petersen arriveerden. We werden erg vriendelijk met koffie en gebak verwelkomd en mochten genieten van Farmer Johns vrolijke verhalen over promotiereizen voor “de film”, zijn Amerikaanse enthousiasme over de Oostenrijkse filosoof Rudolf Steiner, de geestelijke vader van de biologisch-dynamische landbouw en zijn lichtelijk (doch niet vervelend) grote ego.

Over de met groenbemesters versierde klei akkers lopend leerden wij van John dat een boerderij niet alleen een plek is waar voedsel geproduceerd wordt maar ook waar idealiter een vruchtbaar sociaal en cultureel leven aanwezig is. Elke bezoeker, leerling van het Learning Center, vrijwilliger of medewerker van de boerderij wordt uitgenodigd een deel te worden van de boerderij. Het Angelic Organics Learning Center is een non-profit organisatie en betrekt per jaar zo’n 1000 leerlingen en geïnteresseerden bij het bedrijf.

Ze bieden verscheidene workshops aan van kippen houden en kaas maken over tuinieren tot biologisch-dynamische preparaten maken.Farmer John weet mensen om zich te verzamelen die samen met hem van de boerderij een veelzijdig en levendig bedrijf maken. Ik verwachtte dat een zo welbekende figuur zich op zijn bedrijf in een centrale positie zou zetten maar in tegendeel: “My farm is a temple…” roept John en draait zich naar de rest van ons groepje om dat verzameld op de onverharde oprit van de boerderij staat. “…But who owns the temple?” vraagt John met glimmende ogen.

 foto's Till

Voor hem staat de mens op een boerderij centraal, want zonder mensen kan er geen boerderij bestaan. Ik denk er anders over, mijn insteek is dat je land nodig heb om boer te zijn. Later gaan we daar een discussie over hebben maar het is een beetje zoals de vraag over de kip en het ei.
Het Angelic Organics Learning Center heeft locaties in steden in de omgeving waaronder ook in Chicago. Ze helpen mensen in buurten om hun eigen groenteteeltbedrijfjes op te zetten, financieren boerenmarkten en geven landbouwkundig onderwijs, maar ook het bouwen met diverse materialen bv the Whole Tree architecture. Landbouw in de stedelijke omgeving en in de stad zelf biedt vooral voor de bevolking uit de onderste sociale lagen kansen en perspectieven iets eigens op te richten, werk te vinden of simpelweg weer in contact te komen met het thema voedsel, hoe het groeit en waar het vandaan komt. “But not everybody can become a farmer!” herinnert Farmer John ons. "Why would you be so crazy to want to work so hard?” vraagt hij en de directeur van het Angelic Organics Learning Center, Tom Spaulding, vertelt over de cursus “Farming Dreams”, waarin deelnemers binnen een dag erachter kunnen komen of landbouw een goede keuze voor hun zou zijn. De cursus is een succes als de meerderheid van de cursisten concludeert zijn tijd en geld beter in iets anders te steken. “Wij raden alleen de echte fanatiekelingen aan om boeren te worden."
Het blijft moeilijk om vers biologisch voedsel te telen en ook als consument in winkels te vinden in een land waar het grote merendeel van het landbouwareaal bebouwd wordt met sterk gesubsidieerd gen-maïs en sojabonen maar het is mogelijk en de mensen van het bedrijf Angelic Organics laten dat zien.

Dit artikel is geschreven door Till, 3e jaars voltijdstudent Warmonderhof

woensdag 7 april 2010

New York dag 3 - Verslag Excursie Stadslandbouw Urban Ag US

foto's Paul de Graaf: De Science Barge in de rivier de Hudson bij Yonkers

Op zondagochtend lopen we door het Central Park naar Harlem 125 Street en nemen daar de forensentrein naar Yonkers. Vanaf het perron in Yonkers is ons doel, de Science Barge al te zien. De Science Barge is het eerste resultaat van de zoektocht van New York Sunworks naar een duurzame manier om voedsel, zuiver water en energie te produceren, of zoals ze zelf op hun website zeggen “to develop sustainable technologies for the production of food, clean water, and energy, and to raise public awareness of sustainable technology through education projects, seminars, articles, and films”. De Science Barge laat in het klein zien hoe dit moet gaan werken. Deze kas-op-een-ponton heeft drie jaar aan de kade gelegen in Manhattan, en daarna is de kas verplaatst naar Yonkers waar de organisatie Groundworks Hudson Valley het beheert voor educatieve doeleinden. Bob Walters, directeur van de Science Barge, vertelt honderduit over de verschillende systemen, de mensen die komen kijken, over het hydroponics-systeem van Walt Disney in het Epcot Center ( zie ook dit Youtube filmpje) en over de omgeving, en compenseert daarmee het feit dat de hydroponics-systemen nog niet in bedrijf zijn (in de huidige functie loont het niet het systeem tijdens de winter te laten draaien met verwarming).

v.l.n.r. een vrijwilliger, Bas,  Bob Walters, een aspirant-hydroponic farmer uit Kenya en nog een vrijwilliger

De kas biedt ruimte aan verschillende hydroponic en aquaponic systemen. Zonnepanelen en windmolentjes leveren de benodigde electriciteit. Regenwater wordt opgevangen en gebruikt voor irrigatie in de kas. Rivierwater wordt gezuiverd met een 'reverse osmosis filter'. Verwarming van de kas in de winter gebeurt in dit demonstratiemodel met een kachel gestookt op plantaardige olie, maar in de stad kan afgewerkte ventilatielucht in de warmte van de kas voorzien.

Verschillende uit NY Sunworks voortgekomen bedrijfjes zijn bezig het concept dat de Science Barge laat zien te realiseren op de daken van New York. Ze bieden een totaalconcept aan waarmee een stadsboer met pak-em-beet $500.000 aan startkapitaal aan de slag kan. Op de website van Bright Farm Systems (zie verslag dag 1) wordt inzichtelijk gemaakt wat de milieuvoordelen zijn en wat je ermee kan verdienen. Er staan verschillende projecten op stapel , al is het nog wachten op het eerste gerealiseerde project. Gotham Greens is inmiddels als zelfstandig bedrijf bezig het concept op meerdere plekken te realiseren en te exploiteren. Omdat we rooftop hydroponics zien als een van de kansrijke vormen van stadslandbouw zien we er naar uit om de eerste duurzame dakkas te bezoeken. (Paul)


Kas op dak van the Vinegar Factory (geen glas, maar plastic platen voor de wanden en folie als dak)

Vanuit Yonkers zijn we daarna met de trein teruggegaan naar Manhattan alwaar we een voor ons al zeer bekend voorbeeld van een dakkas bezochten: de productiekas op het dak van Eli Zabar's “duurzame supermarkt”. Helaas waren we niet in de mogelijkheid om de kas te bezoeken. Wat wij weten is dat hier vnl bladgewassen, kruiden en tomaten geteeld worden in bakken met en grond op basis van een grote hoeveelheid compost. Wel konden we de “supermarkt” in. De producten en de opstelling waren enigszins verrassend. Een aantal zaken zijn zeer goed opgesteld. Helaas is onze indruk in totaal niet echt positief. Het komt rommelig over (en dan iets meer dan de gezellige rommel en kneuterigheid). Wel is het productaanbod erg uitgebreid en mooi. De prijzen corresponderen hier dan ook mee. Wij hebben voor ons ontbijt een Granola (For the birds - or for people who take breakfast seriously) gekocht, en betaalden voor een klein zakje voor $11,-. Wat opvalt - overigens ook bij andere initiatieven in de VS die we bezochten - is dat de productkwaliteit over het algemeen wat lager ligt, maar de prijzen hoger. Dit maakt het voor kleinschalige initiatieven makkelijker om financieel rond te komen.
Verse groenten op Amerikaanse wijze geëtaleerd in ijs bij Eli's
Bij Eli’s hadden we overigens ook een afspraak met Joe Nasr en June Komisar van Ryerson University. Beide zijn binnen de stadslandbouw bekend van hun werk met Jac Smit en de reizende expositie “Carrot City” (zij zoeken nog een instantie/locatie om deze naar Nederland te halen. U kunt hier naar mailen). Ons gesprek ging dan ook over het uitwisselen van informatie over diverse initiatieven in de wereld op dit gebied en dan vnl. vanuit een meer rode (= bebouwde) kijk op dit thema.

Wat steeds duidelijker wordt is dat er al een groot informeel netwerk is over de wereld rond dit thema’s. Zo hebben we voorafgaand aan deze reis al e-mails ontvangen vanuit Londen en Vancouver. Met vragen over wie wij waren en wat wij doen en dan vnl in relatie tot het onderwijs.

Een van de ideeën omtrent deze reis voor mij, James Godsill (Sweetwater Organcis) en Will Allen (Growing Power) is om een wereldwijd netwerk op te richten om kennis en onderwijs rond dit thema te stimuleren.
Dit weekend heb ik hiertoe een aanzet gedaan door het oprichten van een Linkedin Group “Agro-Polis” als digitaal forum rond de meer agrarisch technische kant van de Stadslandbouw.

Dit was onze laatste actieve stadslandbouwdag in New York. De volgende dag zijn we doorgereisd naar Chicago waar de echte KIGO VS reis van start ging. De volgende BLOGS zullen vnl geschreven zijn door de deelnemende studenten van de Warmonderhof aan deze reis. (Bas)

dinsdag 6 april 2010

New York dag 2 - Verslag Excursie Stadslandbouw Urban Ag US

New York Dag 2 “De groeten van Michelle”

Het overgrote deel van deze dag stond in het teken van een bezoek aan de  26e jaarlijkse “Green Thumb Grow Together” een bijeenkomst van mensen betrokken bij de community gardens. Green Thumb is onderdeel van de New York City Department of Parks & Recreation en is in 1978 in het leven geroepen om gemeenschappelijke tuinen, zogenaamde community gardens te ondersteunen.
Volgens het pamfletje zouden hier zeker 1000 mensen bij aanwezig zijn. Nu bleek dit bij aankomst ruim te worden geëvenaard. Ook niet heel raar met 600 community gardens in heel NY-city. Deze bijeenkomst werd in de grote zaal geopend met voor ons Nederlanders zeer Amerikaans aandoende speeches met een hoop applaus; “we have a S, P, R, I, N, G. SPRING!”, een ballroom dansdemonstratie van leerlingen en dat soort werk. Maar daarnaast werd alles nog eens opgeluisterd door FA's (famous americans) als William Moss, de Amerikaanse tuin-TV held en zowaar (ze kon dit jaar niet, maar zou volgend jaar zeker komen) de groeten van Michelle Obama.

Na deze opening waren er diverse workshops. De onderwerpen van de workshops liepen uiteen van praktisch (Making things) tot meer theoretisch (Cultivating Involvement), maar allemaal met een directe toepasbaarheid in de praktijk van community gardening. Mooiste titel: Creating a Paper Trail: Create a Foundation Through Paperwork for Your Garden. Ook huisdieren kwamen aan bod. Enerzijds als probleem (Community Gardens & Cats: Problems, Facts and Solutions), anderzijds als bron van voedsel (Beekeeping Basics en Chickens 2.0: Beyond Basic Care for NYC Chickens). Bij deze laatste workshop sloot Paul zich aan, uit onwetend - en nieuwsgierigheid (zie ook hier).
 
Bas spreekt met Greg Anderson (l) - kippenhouder in Brooklyn en spreker Chicken 2.0
De 'urban chicken' beweging is tegenwoordig zo groot dat op steeds meer plekken wordt besloten om kippen in de stad te legaliseren (evenals bijen zoals net in New York is gebeurd: Maar het groeiende aantal kippen in de stad roept ook weerstand op door geluidsoverlast en angst voor onsanitaire toestanden. Chicken 2.0 belichtte alle praktische problemen en bezwaren van het houden van kippen. Erg basic maar daardoor ook heel toegankelijk. Een beweging als dit brengt landbouw echt bij de mensen thuis, maar het laat ook de grenzen van hobbyboeren zien. Ik bezocht naar aanleiding van ons bezoek aan Annie’s Rooftop Farm “Seeds in the City” in de hoop hier wat op te steken over specifieke zaden/ gewassen die geschikt zijn voor een stedelijk klimaat. Net als Paul's workshop bleek mijn workshop toch erg basic te zijn en ging meer over het zaad winnen. Het meest aardige was de uitspraak dat steeds meer mensen willen weten wie hun boer is, maar dat de volgende stap in het bewustwordingsproces zal gaan om te weten welk zaad (uitgangsmateriaal) je boer gebruikt. Dit in het kader van de zorgwekkende ontwikkelingen op het gebied van de zaadbedrijven die opgekocht worden en de genen van zaden die gepatenteerd worden door grote vnl chemie bedrijven (zie bijvoorbeeld “The world according Monsanto”) . Aangezien dit mij ook erg bezig houdt vond ik deze opmerking van groot belang. De workshop werd gegeven door de oprichter van de Seed Library, die zich vnl richten op het verkrijgen, vermeerderen en in stad houden van 'Heirloom' rassen in de Hudson Valley regio. Als boer (momenteel) zonder grond heb ik mij uiteraard niet kunnen inhouden om een aantal mooie variëteiten van deze zaden te kopen, op een (info)markt waar verschillende organisaties hun stand hadden.
Demonstratie verticaal groen
Aardig was ook een presentatie van een verticaal systeem zonder techniek als pompen door een enthousiaste leraar uit de Bronx. Zie filmpje (volgt) en de website van de producent.
Al met al gaf deze ochtend ons inzicht in de rol die stadslandbouw en tuinieren kan spelen in het dagelijks leven van heel veel mensen, en hoe deze mensen door dagelijks zelf bezig te zijn met voedsel en groen meer betrokken worden bij hun omgeving en ook politiek bewuster worden, in relatie tot thema's als voedsel, gezondheid en openbare ruimte. Een tuin in de stad is een politieke daad, het zelf verbouwen van voedsel een keuze om de controle te nemen over het voedsel dat je eet en daarmee over je eigen leven.

Na een lange ochtend waren we even overladen met stadslandbouw dus hebben we ter afwisseling in onze culturele verlangens voorzien. In Soho hebben we 2 werken gezien van Walter de Maria. De Earthroom en the Broken Kilometer. Omdat de eerste raakvlakken heeft met het thema zal ik er even kort op ingaan.
The Earthroom is een groot appartement in Soho waar al ruim 30 jaar een laag van 56cm grond in is gestort. Na een moment van verstilling en (kon het niet laten) een greep in de vochtige zwarte dode grond, begin je je meteen af te vragen of je hier nog leven in kan krijgen en wat op kan telen. Daarnaast valt het op dat de grond weliswaar geharkt is maar toch hier en daar hopen zijn ontstaan door een onervaren harker. Met de man achter de balie over beide gesproken. Hij vond het feit dat er qua groei niets gebeurde juist een versterking van het kunstwerk. NY is altijd groeiende en in beweging dus een stil zich niet veranderend object van een product dat eigenlijk in haar normale habitat aan verandering onderhevig zou zijn onderstreept dit nog eens. Wel gaf hij aan de grond 1x per week te beregenen en aan te harken. Voor dat laatste dus wat tips gegeven om het nog vlakker te krijgen. Volgens hem was dit zijn eerste tip ooit over het onderhouden van de grond.

Bas bekijkt planten op Highline

Vanuit hier zijn we doorgegaan naar de Highline (ontworpen door Diller & Scofidio) waar onze wereldberoemde (behalve in NL) landschapsarchitect Piet Oudolf het beplantingsplan voor heeft gemaakt. De Highline is een  voormalig spoorwegviaduct dat is ingericht als park. Zowel als object in de stedelijke omgeving als qua beplanting (alles was nu dor, maar de planten kennende zie je de potentie door het jaar) zie je de schoonheid. Ik wil dit zelf graag nog meerdere malen en in diverse jaargetijden bezoeken.
De Highline loopt tussen en door gebouwen heen


In Rotterdam hebben we de Hofpleinlijn met een vergelijkbare potentie. Maar natuurlijk moeten we hier iets doen wat nog nergens is gedaan; een agrarisch bedrijf op en onder het spoor met een eetbare wandelpromenade. Dan komt Michelle (met Barack) naar Rotterdam!

zondag 4 april 2010

New York dag 1 - Verslag Excursie Stadslandbouw Urban Ag US

Vandaag het eerste deel van het reisverslag van onze excursie naar de Verenigde Staten. Voorafgaand aan het bezoek aan Chicago en Milwaukee met de studenten en docenten van landbouwopleidingen in het kader van de KIGO stadslandbouw zijn Bas de Groot en ondergetekende in New York wezen kijken.
In onze drie dagen daar brengt het thema stadslandbouw ons op de meest uiteenlopende plekken: een conferentie over samen groeien in de Bronx, een park op een voormalig spoorwegviaduct downtown Manhattan, een ark in Yonkers (ten noorden van NY) en het dak van een loods in Brooklyn. Wat de stadslandbouwprojecten die we hier bezochten bindt is dat ze niet in volle grond staan en vaak meerdere verdiepingen boven maaiveld liggen. Op deze plekken gedijt stadslandbouw in een metropool als New York en er is een uiteenlopende groep mensen actief die nog veel meer mogelijkheden ziet om dit soort ruimtes in cultuur te brengen.
Uitzicht over Manhattan vanaf de Eagle Street Rooftop Farm
Dag 1 - Vrijdag 19 maart 2010

Om half tien staan we voor de metalen deur van een loods in Brooklyn. Als deze opengaat worden we door rooftop farmer Annie Novak meegenomen door verschillende ruimtes, twee trappen op, en nog een derde buitenom om uit te komen op een dak van 750 m2 dat is bedekt met aarde verdeeld in ruggen: de Eagle Street Rooftop Farm. De spruiten en spinazie staan er nog, maar het nieuwe seizoen is ondanks het prachtige voorjaarsweer nog niet begonnen.
Terwijl we genieten van het uitzicht over Manhattan, vertelt Annie Novak over de tuin in het hoge tempo van een New Yorker die gewent is veel rondleidingen te geven. De daktuin is ontworpen als groendak met een grondpakket op een wortel- en waterkerende laag. De zorgvuldig samengestelde grond (gepatenteerde samenstelling door het Gaia Institute) is door toevoeging van hergebruikt polystereen heel licht. Met deze aarde was het mogelijk om een grondpakket van gemiddeld 15 centimeter op te brengen. Door de grond handig te verdelen in ruggen en looppaden (zonder grond eronder) wordt plaatselijk een teeltdiepte tot 20-25 centimeter gerealiseerd zonder extra constructieve maatregelen.
Eagle Street Rooftop Farm
De meeste kosten zijn daarom opgegaan aan het aanbrengen van de aarde (met een kraan vanaf de kade beneden). De tuin heeft vorige jaar haar eerste seizoen meegemaakt en het tuinieren is nog een groot experiment. De omstandigheden op het dak kunnen extreem varieren van storm tot hitte, maar die heeft de tuin goed doorstaan. Beregening vindt plaats met druppelirrigatie en voor dit jaar staat een regenwateropvangsysteem gepland.
De specifieke omstandigheden vragen om gewassen met heel bepaalde eigenschappen. Tot nu toe blijken spinazie en tomaten het goed te doen op het dak. De uitdaging is om de gewassen te vinden die het beste passen bij deze vorm van stadslandbouw. Daarnaast bleek het lastig om de stikstof (N) vast te houden in het grondmengsel. We zijn benieuwd hoe dit project zich verder ontwikkelt. Lees meer hier en over Annie Novak's activiteiten rond de tuin (een verhaal in zichzelf) hier.
Het wonderbaarlijke, eetbare Viooltje op de Union Square Farmer's Market
Hierna ontmoeten we Nevin Cohen van de New School in midtown Manhattan die ons vertelt over verschillende locale voedselinitiatieven en ons meeneemt naar een goede lunchplek (bijkomend voordeel van het bezoeken van mensen die zich met voedselproductie of -planning bezig houden: ze weten waar je lekker en gezond kan eten). Daarna bezoeken we met Nevin de Farmer's Market op Union Square. Een grote boerenmarkt midden in de stad waar zeer interessante producten werden aangeboden die qua aanbod en teeltmethodes zeer kansrijk lijken voor productie in een (peri)stedelijke omgeving.
Volgens Nevin is stadslandbouw in New York de afgelopen 2 jaar sterk ontwikkeld en gaan de ontwikkelingen op dit moment snel. Als voorbeeld noemt hij een initiatief van de gezamenlijke boeren  in het gebied ten noorden van New York om als groep een CSA op te zetten. Naast onderwijs zal hij zich de komende tijd bezig houden met het maken van een kansenkaart voor stadslandbouw in de Five Boroughs van New York. Een project dat we gezien onze eigen interesse in kansen(kaarten) met belangstelling zullen volgen.


Snel door naar BrightFarm Systems, een startup gevestigd op de tiende verdieping van een kantoogebouw aan Broadway. BrightFarm Systems is voortgekomen uit New York Sunworks en biedt expertise op het gebied van hydroponics (groente telen op hydrocultuur) in kassen op daken. Hierover meer in het verslag van zondag in relatie tot het bezoek aan de NY Sunworks' Science Barge.
"Organic produce grown by Red Hook youth" - Red Hook Farm
Als laatste bezoeken we op de bonnefooi Red Hook Farm van Added Value. De Red Hook Farm is opgezet om samen met de buurtbewoners enigszins in de eigen voedselvoorziening te voldoen en hen kennis aan te leren om zelf te groente en fruit te kweken. De locatie is een plak asfalt waarop waar nodig een laag grond is aangebracht. Helaas lukte het niet hier een afspraak te maken met iemand van de organisatie en de farm ligt er wat verlaten bij tussen de IKEA en een parkeerplaats voor schoolbussen. Er is niemand aanwezig al staan in de tunnelkas al weer diverse gewassen klaar om uitgeplant te worden. Dus moeten we het doen met een blik door het hek en het bord dat waarschuwt voor overstekende tractors en koeien (zie vorige post).

Wordt vervolgd

dinsdag 30 maart 2010

KIGO Stadslandbouw Urban Ag US trip

 

Foto Paul de Graaf: beeld, verkeersbord met not allowed to stop here at any time voor het hek van Red Hook Farm van Added Value 

Beste Lezers,

Volgende week zullen jullie op dit blog getrakteerd worden op diverse verslagen van bedrijfsbezoeken van onze VS trip in het kader van de KIGO Stadsdlandbouw "De stedelijke kringloop als inspiratiebron voor nieuwe vormen landbouw".

zie ook 1, 2, 3,4

Deze Blogs zullen door Paul de Graaf (lid ER), mijzelf (ER/Warmonderhof docent) en Till, Jorrit, Janneke, Madeleen, Rick en Esther (studenten W'hof) in volgorde van bezoek geplaatst worden zodat er een hele week elke dag wat te lezen valt.

Tevens willen we via deze weg nogmaals al onze overzeese contacten bedanken.

Thank you all for you're warm welcome!

Voor mensen die niet kunnen wachten heeft Rick op zijn eigen blog al een kort reisverslag geschreven van de week in de regio van Chicago en Milwaukee.

Deze vind je HIER

woensdag 10 maart 2010

Shopping mall in cultuur gebracht

In een shopping mall in Cleveland heeft de leegstand vanwege de crisis zich tot een kans voor stadslandbouw ontpopt.
Stadslandbouw wordt getypeerd door opportunisme, in de positieve zin van het woord: het zoekt die plekken in de stad op waar kansen liggen. Het opportunistische karakter van stadslandbouw maakt haar uiterst geschikt als middel om onze huidige steden te verduurzamen. De grootste uitdaging voor duurzame stedenbouw ligt in de bestaande stad, simpelweg omdat de meeste gebouwen die we in de toekomst zullen gebruiken nu al gebouwd zijn (circa 85% van de woningvoorraad in 2020). Hergebruik van bestaande gebouwen biedt de kans om onvoorziene, verborgen kwaliteiten te ontdekken en te benutten. In Cleveland werd de arcade met zijn glazen dak herontdekt als stadskas. Al is het natuurlijk de vraag of deze mall in de stad ligt of ergens aan de snelweg. De bedoeling is wel om er een educatief centrum van te maken,  maar hoe publiek deze functie is wordt niet helemaal duidelijk. Het initiatief noemt zichzelf een 'urban eco village' en heeft inmiddels subsidie gekregen.

woensdag 24 februari 2010

KIGO stadslandbouw 1

Mijn naam is Rick Sloot ik ben 3e jaars student van de Warmonderhof. Dit is de opleiding voor Biologisch-Dynamisch landbouw gevestigd in Dronten. Ik heb voor de richting groenteteelt gekozen, en zie wel toekomst in de stadslandbouw.

Met 5 studenten van de Warmonderhof doen wij mee aan de
KIGO stadslandbouw. Naast de Warmonderhof doen aan dit project mee:
Wellant College Rotterdam (vmbo)
• Christelijke
Agrarische Hogeschool (hbo)
• Landbouw Economisch Instituut
• Expertisegroep Stadslandbouw ‘Eetbaar Rotterdam'
In dit project bezoeken we bedrijven die te maken met stadslandbouw. Het uiteindelijke doel is dat stadslandbouw bekender wordt in het (agrarisch) onderwijs en er een lespakket wordt gemaakt over stadslandbouw. Wie weet is er straks een stadslandbouwopleiding!

We hebben nu 2 excursies achter de rug. De eerste excursie ging
naar de stad Utrecht. Eerst naar de moestuin Maarschalkerweerd. Hier werd groente geteeld voor de winkel en het lunchcafé die daar ook gevestigd zijn. Ikzelf kom niet uit de stad, maar je zou daar bijna vergeten dat je in de stad bent. Het leek een gewoon tuinbouwbedrijf, alleen die flats en een autoweg maakten me wakker: welkom in Utrecht. Naast productie was er ook plek voor zorg en educatie.

Na een heerlijke lunch, gingen we naar De Bikkershof. Dit is een permacultuur tuin waar gezamenlijk word getuinierd. Het is een binnentuin; midden tussen de bebouwing een groene oase. Het was een grauwe herfstdag, maar ik kon me meteen voorstellen hoe mensen daar in de zomer 'samen' in de weer zijn en genieten van wat de natuur te bieden heeft. Het grootste gedeelte bestond uit 'niet-eetbare planten', er was een klein stukje moestuin waar mensen zelf hun groenten teelden. De tuin draaide op samenwerking en buurtschap, een mooi ideaal dat in de praktijk niet altijd even soepel tot stand komt.

Tijdens de tweede excursie bezochten we de ecologische wijk EVA-Lanxmeer in Culemborg. Stadsboerderij Caetshage die onderdeel is van de wijk was de eerste bestemming, ook hier werden groentes geteeld voor winkel en voor groentepakketten. Het zag er mooi uit. Wat mij opviel was dat het op sommige plekken krap was, dit viel me al op bij aankomst op het erf. Een woord wat me nu te binnen schiet is de 'prutsfactor', en ik doel hiermee op het inefficiënte gebruik (indeling) van grond. Natuurlijk moet het er mooi uitzien in een stad, je hoeft geen polder na te bootsen, maar soms kan het efficiënter in mijn ogen. Heb ik hier een punt of niet?
Tijdens de rondgang over het bedrijf arriveren er kinderen van de lokale basisschool, zij gaan lekker aan het werk.
In de middag maakten we een rondgang door de ecologische wijk. Heb nog nooit zo genoten in een bebouwd gebied. Gezamenlijke tuinen, mooie huizen en mooie technieken, alles was aanwezig.

Naast de excursies die nog volgen, staat er nu ook een reis gepland, en wel naar de Verenigde Staten. Eind maart zullen we o.a. Growing power en Sweet Water Organics bezoeken. Ik heb er zin in!