Posts tonen met het label mapping. Alle posts tonen
Posts tonen met het label mapping. Alle posts tonen

vrijdag 14 mei 2010

Tuin delen: voorbeelden van Londen tot Leuven

Het vinden van geschikte plekken voor vormen van landbouw in de stad kan op verschillende manieren. Je kan een kansenkaart maken die van bovenaf op de stad kijkt en op zoek gaat naar de optimale omstandigheden (waar ik op dit moment mee bezig ben in het kader van het onderzoek Ruimte voor Stadslandbouw in Rotterdam) of je probeert van onderop mensen en plekken bij elkaar te brengen. Dit kan door als een locatiescout actief met open ogen en oren op zoek te gaan, of door mensen de gelegenheid te bieden elkaar te vinden via een soort marktplaats model. In een stad als Londen wil Capital Growth proberen vraag en aanbod te verbinden om zoals ze zeggen de toegang tot (bouw)land in de stad te vergroten.
 
Landshare.net
Het gaat hier met name om het toegankelijk maken van privegrond voor andere private partijen om groente te telen. Er staat op hun website een handleiding om locaties te scouten of je kunt via de website Landshare.net, een initiatief van de tv-zender Channel 4, kun je jouw wens om groente te verbouwen kenbaar maken of jouw stuk grond aanbieden. Het vormt daarmee een aanvulling op het klassieke volkstuinmodel (allotments) dat in Engeland veel meer dan in Nederland nog is gekoppeld aan het voorzien in eigen voedsel ( en niet zoals hier meer als recreatief verblijf wordt gezien). Dat er een grote behoefte is aan moestuinen bewijst de start van een bedrijf dat op commerciele basis volkstuinen aanbiedt. Een initiatief dat met argusogen wordt bekeken door de Engelse volkstuinbeweging omdat de private volkstuinen veel duurder zijn dan de publieke tegenhangers.
Tuin Transitiestad Leuven
Het burgerinitiatief Transitiestad Leuven (deel van het Transition Town netwerk waar ook TT Rotterdam deel van uitmaakt) probeert tuindelen te stimuleren zonder commercieel oogmerk. In plaats van een meer anonieme digitale ontmoetingsplek (zoals bij Landshare) hebben zij gekozen een dag te organiseren waar bewoners uit de omgeving elkaar persoonlijk kunnen ontmoeten en worden geinformeerd en vragers en aanbieders om de tafel kunnen gaan zitten om tot afspraken te komen (lees ook het artikel hier). Afgelopen zondag bleek dat tegen de verwachting in en in tegenstelling tot de situatie in Engeland het aanbod werd overtroffen door de vraag. Er werden 13 tuinen aangeboden, maar er kwamen geen tuiniers opdagen die geinteresseerd waren om deze tuinen in gebruik te nemen. Dit kan ook een kwestie van communicatie zijn en Transitiestad Leuven gaat nu actiever proberen vragers te benaderen via de pers en via de website. De belangrijke volgende stap: het maken van afspraken over hoe, hoe lang, onder welke voorwaarden etcetera, kwam daardoor niet aan bod.
Your Backyard Farmers
Als er geen particuliere tuiniers opduiken, dan zou het Your Backyard Farmer model een alternatief kunnen zijn, dat zowel lokale voedselproductie stimuleert als lokale werkgelegenheid biedt. In dit model, dat burgerinitiatief en commercie mooi balanceert, zouden de 13 tuinen door een of meerdere een/tweemansbedrijven worden beheerd. De tuineigenaar ziet zijn/haar tuin goed onderhouden en krijgt al dan niet tegen betaling een deel van de opbrengst. De 'achtertuinboer' krijgt gratis of relatief goedkoop grond beschikbaar en kan daardoor concurrerend produceren en dicht bij zijn/haar potentiele klanten werken. Deze vorm van stadslandbouw raakt in de VS steeds meer in zwang getuige dit artikel over de bloei van soortgelijke bedrijfjes in Los Angeles.
De voorbeelden uit Belgie, Engeland en de VS laten in elk geval zien dat er mensen zijn die graag hun tuin willen delen en dit biedt kansen voor stadslandbouw. Een kansenkaart kan daarbij van dienst zijn om te bepalen welke vorm van stadslandbouw het meest geschikt is voor die tuin op die plek. Maar uiteindelijk is het even belangrijk dat er mensen zijn die tijd, zin en (niet te vergeten) kennis en ervaring hebben om met die tuinen aan de slag te gaan. Wij zijn daarom erg geinteresseerd om te zien hoe dit soort experimenten zich gaat ontwikkelen.

maandag 23 november 2009

MIT: Lokale voedselproductie is de remedie tegen overgewicht

In de Trouw van vorige week woensdag werd bericht over een onderzoek van MIT naar obesitas. De conclusie is dat lokaal geteeld, vers en daarmee gezonder voedsel de remedie vormt tegen overgewicht en dat het huidige systeem van voedsel produceren vetzucht in de hand werkt.
Als oplossing noemt het onderzoeksteam niet alleen regionalisering van voedselproductie op basis van zogenaamde 'foodsheds': het natuurlijke achterland dat een stad van voedsel voorziet, maar ook stadslandbouw. Voorbeelden die worden genoemd zijn 'Lawn to Farm'; het omzetten van grasvelden (die in Amerika nu meer water, arbeid en energie consumeren dan voedselproductie, zonder iets op te brengen) naar moestuinen, 'foodterminals': de combinatie van restaurant en productiekas, het liefst gecombineerd met educatie, 'mobile markets' die als de SRV-wagens van vroeger vers voedsel brengen waar die (nu nog) niet te koop is, en '10 x 10': modulaire voedselproductie-eenheden bedoeld voor educatie.

foodshed - het natuurlijke voedselproducerende achterland

Hoewel gepresenteerd als nieuwe concepten klinken deze oplossingen de kenners bekend in de oren, maar het is heel interessant dat de voordelen van lokale voedselproductie nu vanuit een gerenommeerd wetenschappelijk instituut als MIT worden onderbouwd (en dat geeft genoemde concepten ook meer gewicht). Met name in de beperking van transport zien de MIT ook een kostenreducerend voordeel van lokale productie, die vers voedsel betaalbaarder moet maken. Maar het voornaamste economische argument voor lokale voedselproductie is het positieve effect op de volksgezondheid en de kostenbesparing die dit oplevert. Op basis van onderzoeken als deze zouden zorgverzekeraars zich nog wel eens kunnen ontpoppen tot onverwachte bondgenoten in de transitie naar een meer decentraal, lokaal en duurzaam voedselsysteem.

Zie hier de online versie van het rapport

maandag 18 mei 2009

Kansenkaart stadslandbouw / tentoonstelling London

Kaarten zijn nooit alleen weergaves van de werkelijkheid, het zijn interpretaties van die werkelijkheid en media tussen die werkelijkheid en degene die de kaart leest.
Op dit moment zijn we met Eetbaar Rotterdam bezig aan een onderzoek naar 'Ruimte voor stadslandbouw in Rotterdam'. In het kader van dit onderzoek maken we een kansenkaart die inzichtelijk maakt waar volgens ons landbouw mogelijk is.
Het is de bedoeling van deze kansenkaart dat die de gebruiker naar Rotterdam laat kijken met onze door stadslandbouw gekleurde blik en de stad laat zien als een stad vol potenties voor het groeien (en verwerken) van groenten en andere gewassen en vol mogelijkheden voor uitwisseling tussen deze landbouwactiviteiten en andere stedelijke activiteiten en processen. De kaart moet ruimte laten voor interpretatie en door de gebruiker worden afgemaakt. Hij moet de gebruiker (of het nu een ondernemer, bewoner, beleidsmaker of projectontwikkelaar is) de ruimte bieden de potenties te vinden die het best aansluiten op zijn of haar behoeften.

Nu is het idee van een kansenkaart niet nieuw; het wordt al langer gebruikt door verschillende overheden, en volgens planoloog Linda Carton van de Universiteit Nijmegen die onderzoek heeft gedaan naar de rol van kaarten in besluitvormingsprocessen wordt het middel steeds vaker gebruikt door burgers en actiegroepen om hun belangen en doelen te visualiseren en hun case kracht bij te zetten. Laatst kwam ik er achter dat er als onderdeel van DOTT 07 in Middleborough al eens een kansenkaart voor stadslandbouw is gemaakt door de architecten Bohn en Viljoen (bij kenners bekend van hun CPULs), die ook door de gemeente gebruikt wordt of gaat worden om allerlei initiatieven te ontplooien.
John Thackara de organisator van DOTT07 ziet 'mapping' (naast werken met lokale behoeftes, en het 'ontwerpen' van een nieuw vocabulaire) als een van de ontwikkelingsrichtingen voor een ontwerponderwijs dat zich meer richt op 'sense' dan op 'stuff', zoals te lezen valt op zijn interessante blog in een stuk dat hij heeft geschreven voor de Cumulus conferentie.
Hij ziet het in kaart brengen van potenties die nu nog onzichtbaar zijn als een belangrijke rol voor de ontwerper van de toekomst. In aansluiting daarop zien wij de kansenkaart als een belangrijk onderdeel van een 'zinnig' ontwerp voor stadslandbouw in Rotterdam.

Bohn & Viljoen's kaart en het Middlesborough project waarbinnen het is ontwikkeld worden op dit moment samen met andere projecten over landbouw in de stad tentoongesteld in London in het Building Centre. De tentoonstelling is nog te zien tot 30 mei.